Intermezzo 14: Axel en Wende tegen de rest van de Visploeg, de avond voor het concert - Hoogtij
By Jackie van Laren
‘Hm. Nou, jongens. En meisjes. De raad is de deur uit, ze hebben nog net niet het vat leeggemaakt, maar gelukkig hebben we flink ingekocht voor morgen. Alles is klaar, dranghekken, beveiliging en vervoer, mede dankzij de genietroepen, en de rederij, die ruimte heeft gemaakt om de veerhaven op de wal als checkpoint in te richten. Ik heb begrepen dat het busbedrijf extra bussen achter de hand houdt voor als het de spuigaten uit loopt op de stations van Leeuwarden en Groningen; we schijnen nogal wat teweeg te hebben gebracht. Er komt de nodige pers, we hebben een prachtige line-up, alle artiesten zitten op goeie plekken op het eiland, en het allerbelangrijkste: het wordt morgen goed weer. Kan niet meer misgaan. Nou. Wil jij nog wat kwijt, Wende?’
‘In ieder geval dat ik je niet vaak zo veel woorden achter elkaar hoor zeggen, en al helemaal niet in het openbaar. Meestal is het “hm”, en dan moeten we maar raden wat je bedoelt. Nee, nee, nou niet lachen, allemaal, het is toch zo?’
‘Hm.’
‘I rest my case.’
‘Ik bedoel wat anders. Moet je niet nog wat anders tegen iedereen zeggen?’
‘O, dat.’
‘Ja, dat.’
‘Moet dat echt? Nu? Ik bedoel, is het niet veel te vroeg?’
‘Zeg het nou maar gewoon. We kennen elkaar allemaal goed genoeg, en dan kunnen ze je een beetje steunen en zo, en een beetje op je letten, als ik toevallig even niet in de buurt ben.’
‘Zeg, ik ben niet meteen invalide, alleen omdat ik zwanger – Eh. Ja, dat dus. Ik ben zwanger. Stil nou even, allemaal, maak er nou niet meteen een heel festijn van, zo bijzonder is het nou ook weer niet. Mensen doen het de hele tijd, over de hele wereld, dus dan... Ha, stil nou, rustig nou, jullie maken me nog aan het huilen!’
‘Nou, ik vind het anders heel bijzonder. Mijn eerste kind. Dus, laten we er nog allemaal eentje nemen, behalve Vincent, want die heeft al genoeg gehad tijdens zijn geheime raadsvergadering.’
‘En ik, ik neem wel een glaasje appelsap of zo.’
‘Heel verstandig, lief. Maar dat is jou wel toevertrouwd.’